HomeAntjeOp de Kermis (I)

Reacties

Op de Kermis (I) — 14 reacties

    • Fijn dat je meekijkt!
      Ja, die is bekend maar is te vroeg voor Antje en Christiaan. Ik zoek vanaf 1810, Antje is dan 14 jaar. Christiaan raakte in 1811 de banen Pluimgraaf en Lantaarnopsteker kwijt, daarom veracht ik hem na 1811.

  1. Heb je eraan gedacht om ook in de zuidelijke Nederlanden te zoeken? In die jaren waren NL en België één. Ik kwam op dat idee toen ik vorige week in Leuven liep en het café “het Moorinneken” passeerde (aan de Grote Markt).

  2. Leuke website en ik onderzoek zelf de Sampimons (mijn grootmoeder). Ik heb zitten puzzelen op de akte die op deze pagina staat, deze is ook interessant voor mij. Ik vermoed dat Hendrik de broer is van Maria Sampimon, zijn eerste vrouw. Maria trouwde rond haar 18e met Nicolaas Britting en zij waren samen getuigen op de doop van Hendrik (gedoopt (rk) op 14‑04‑1794 te Leiden (getuige(n): Nicolas Brezing en Maria Champiemont). Martinus was de neef van Maria, zoon van haar oom Anthonie. (vermoed ik)

    Is dit belangrijk? Ik probeer zelf al een tijdje Justus van Mauriks ‘beminde Sampimon’ van de poppenkast te identificeren. In een publicatie over de Duvelshoek schrijft hij dat deze woonde in de Pieterssteeg en de Land der Beloftesteeg. Daar ben ik via de bevolkingsregister achter aan gegaan en ik kom op Franciscus Sampimon, zoon van Franciscus, zoon van Placidus. Hij heeft in beiden stegen gewoond en was marionettenspeler en de tijdspanne klopt. Zijn vader Franciscus woonde daar eigenlijk ook en misschien dat zij samenwerkte totdat pa verleed.

    Je weet dat Christiaan Britting ook veel voorkomt in Bevolkingsregister 1874 – 1893: geplaatst in bv Pietersteeg en als straatmuzikant?

    Mocht je materiaal hebben over de Sampimons, dan hou ik mij aanbevolen.

    groet, Chris

  3. Er staat bij de aangifte van de geboorte toch duidelijk Martinus en Hendrik SampiEmon (dus met een E), maar in de stukken eronder staat het steeds zonder E. Is daar een speciale reden voor?

    • Nee, daar is geen reden meer, het komt door dat ik in mijn hoofd het zonder “e” heb. Dat komt weer door het boek “Het is niet alle dagen kermis”.

      Mijn excuses voor mijn slordigheid.

  4. Geachte lezer ben al enige tijd bezig met het maken van een boek dat gaat over de NH-Kerk te Nederhorst den Berg en zijn begraafplaats.Tijdens onderzoe in de archieven van de NH-Kerk kwam ik in één van de oude Journaals der Begraven de naam Britting tegen die ik niet kon plaatsen binnen de gemeenschap In het boek is te lezen dat ene Lourens Britting er zijn kind laat begraven en dat er geen kosten worden gerekend wegens onvermogen.
    Bij de burgerlijkestand heb ik de geboorte gevonden vaneen l.l.kind Britting te Nederhorst den Berg op 28 januari 1834. Vader Lourens Britting moeder Johanna van der Vecht (Vegt)
    Het gezin was onderweg en woonde op een schip en was per toeval met zijn vaartuig tijdelijk in het dorpNederhorst den Berg aangemeerd waar zijn vrouw beviel van een doodgeboren zoon.
    In de akte staat ook te lezen dat Lourens Britting marionettenspeler was van beroep. Ben dan ook erg blij dat ik deze pagina heb gevonden zodat ik Iers mer kan toelichten over deze familie.
    De familie aan mijn moederskant de familie Du Pau waren ook werkzaam op de kermis voor de oorlog zover ik begrepen heb. En kennelijk kruipt het bloed waar het niet gaan kan want ook mij oudste broer heeft enige jaren met een kermis meegereisd door het land.

    Het boek “Komt dat Zien! De Amsterdamse Kermis in de negentiende eeuw” is dat nog ergens te krijgen te lenen?

    Zou he namelijk graag eens lezen.

    Suc6 met de website…

  5. Op Delpher is een artikeltje te vinden over het staangeld (en de loting voor een staanplaats) op de Haagse kermis in vroeger tijden. Het artikel staat in het Dagblad van Zuidholland en ’s Gravenhage van 9 nov 1897 (voorpagina, helemaal onderaan), maar het beschrijft o.a. de situatie in 1804.
    “Zoo werd in 1804 ontvangen van:
    (…)
    H. Champimon, wassebeelden, f 17
    Nic. Britting, marionetten, f 18
    (…)”
    In het artikel wordt ook gesproken over het staangeld uit 1801 voor “het bekende marionettenspel “de vier kronen”, dat in 1807 onder directie van Francois Joseph Ramet stond”. Dit is het marionettenspel waarvan Nicolaas Britting rond 1820 directeur was.

    Het interessantste is misschien wel de passage waarin het gaat over “rekeningen uit het begin dezer eeuw, die nog bewaard zijn gebleven”. Misschien zijn die nu nog steeds wel ergens bewaard? Dan zou je kunnen zien wanneer de kermis precies was, wie er stonden, hoeveel staangeld ze moesten betalen etc.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

HTML tags allowed in your comment: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>